Een man fietst met zijn zoontje op straat. Ze worden overreden. De man is op slag dood, de jongen zwaar gewond. Hij wordt naar het ziekenhuis gebracht, hij moet geopereerd worden. De chirurg komt bij hem en zegt : “Ik ben niet in staat dat jongetje te opereren, want dat is mijn zoon.”
Als je het verhaaltje nog niet kende, heb je meteen door wat er aan de hand was ?

Toen Rietje Compiet de leiding van HIL kreeg, wilde ze van meet af aan directeur genoemd worden, niet directrice. Ik had daar moeite mee. Gevoelsmatig. Zonder rationeel verhaal. Dat bedacht ik veel later, eigenlijk nu pas.
Ik vind dat je beestjes bij hun naam moet noemen, ik ben allergies voor verhullend taalgebruik. Waarom zegt ze niet gewoon dat ze een vrouw is ? Een man of een vrouw, dat is voor mij een aanzienlijk verschil. Ik hou ook wel van mannen, maar toch veel meer van vrouwen, en ook nog op een andere manier.
Maar ik snap haar wel. Ze wil voor vol worden aangezien.

Soms is sprake van verschil in gevoelswaarde. Bijvoorbeeld: directeur of adviseur tegenover directrice of adviseuse. Bij directrice zal men niet gauw denken aan een multinational, maar eerder aan een school; bij adviseuse zullen de gedachten eerder uitgaan naar make-up dan naar de herstructurering van een organisatie. Daarom worden sommige vrouwelijke directeuren of adviseurs niet graag directrice of adviseuse genoemd. Taaladvies

Maar een naamsverandering verandert natuurlijk niets aan de feiten : vrouwen zijn niet vaak directeur van een multinational, ook Rietje niet, die is directeur van Het InterLolaal, in de zachte sector.

Een vrouw als baas is anders dan een man als baas. Dat moet je niet willen ontkennen. Het wordt juist tijd dat de wereld op een meer vrouwelijke manier bestuurd wordt. We moeten de hele aarde koesteren. Door aan te geven, dat ze een vrouw is, door daar prat op te gaan, kan een vrouw met macht laten zien dat de emancipatie vordert, dat de wereld verandert.

Het verschil tussen man en vrouw, dat is natuurlijk wat. Er zijn biologiese verschillen, met heel veel konsekwenties. En dan de kultureel bepaalde rolpatronen. Ook in mijn hoofd zitten een heleboel clichés uit mijn opvoeding. Mannen zien de wereld als een jachtterrein, om zoveel mogelijk eten binnen te halen moeten de beste jagers geselecteerd worden. Vrouwen zorgen voor het nest, ze zorgen ervoor dat iedereen zijn deel krijgt, dat iedereen zich kan ontplooien.
Men noemt zichzelf nooit “ouder” van een kind. Een vader is geen moeder.

Als ik mensen vertel over mijn psychiese problemen, zeg ik vaak dat “mijn psychiatresse” dit of dat gezegd heeft. Als ik zeg : “mijn psychiater” dan gaat men er van uit dat het een man is. En voor mijn gevoel maakt het heel veel uit dat ze een vrouw is. Ik heb ook aardige mannelijke psychiaters gehad, dat is het punt niet. Maar die zijn anders.

Als ik over Rietje praat zeg ik altijd “directeur”, soms met de toevoeging “het is een vrouw”. “Directrice”, dat krijg ik echt mijn strot niet uit.


     Reageren